Woord in beeld (#1): Bram Terryn en Siel Verhanneman

Tekst en beeldende kunst worden vaak als twee op zichzelf staande en onverenigbare artistieke uitdrukkingswijzen gezien. Hoewel ze hetzelfde doel dienen, namelijk het overbrengen van een verhaal, een boodschap, een emotie… blijkt het geen vanzelfsprekendheid te zijn beide kunstvormen tot een homogeen geheel te vermengen. Toch blijven kunstenaars toenadering zoeken tot schrijvers, dichters en omgekeerd met de bedoeling een extra dimensie aan hun werk te breien.

In de reeks Woord in beeld ga ik op zoek naar de ultieme symbiose tussen beeldende kunst en woord.

Nummer één in deze reeks wijd ik aan twee jonge kunstenaars: Bram Terryn en Siel Verhanneman. Zij zochten en vonden elkaar in een boeiende en organische performance-installatie tijdens het Memento woordfestival, Kortrijk 2018.

Bram is een schilder en installatiekunstenaar die zich toelegt op de weergave van obscure, quasi post-apocalyptische landschappen met vele gezichten. Het zijn eigen gecreëerde werelden die de verwoesting lijken overleefd te hebben, of net niet, en waarin de natuur opnieuw zoekt naar de overhand. Tegelijkertijd kunnen ze evengoed een warrige herinnering zijn aan een vervlogen nachtwandeling. Het beeld wordt telkens ontwricht door de aanwezigheid van een menselijke ingreep: een architecturaal artefact, een verhulde kerk, elektriciteitsmasten… Ondanks de tegenstrijd tussen natuur en die humane interferentie wekt zijn werk een zeker harmonieus gevoel op. Een nevelige duisternis, als een mist van roetdeeltjes bij een nasmeulende brand, sluit de toeschouwer buiten, maar houdt zijn blik vast.

 

Siel is dichteres en publiceert sinds 2012 poëtische schrijfsels op sociale media onder haar pseudoniem Vijftiendeverdieping. In 2016 debuteerde ze met Als ik stil ben heb ik een bos in mijn hoofd. Onlangs verscheen haar tweede dichtbundel Zo scherp je kon er ook niet geweest. Ze schrijft vooral over verlies, verdriet en angst op een rauwe, eenvoudige en herkenbare manier. In haar laatste bundel met meer prozaïsche gedichten maakt de rouw stilaan plaats voor de herinnering. Verdriet blijft echter de grote aanwezige.

 

Laat nu net die thematiek een raakpunt zijn. Persoonlijk geleden verlies tekent het werk van beide kunstenaars en dat uit zich vooral in de symboliek.

Zo vinden we in het werk van Terryn steeds terugkerende elementen: monumentale, soms religieuze bouwwerken, een enkele elektriciteitsmast die zowel een constante metafysische aanwezigheid representeert als degene die achterblijft. Zijn laatste werken zijn vaak letterlijk doorboord. Hierbij speelt het bepaald aantal gaatjes in op de aloude getallensymboliek, maar duidt ook op een disruptie in tijd en ruimte. De kunstenaar maakt het de kijker op die manier bewust nog moeilijker om door te dringen in het ‘landschap’ en schept als het ware een barrière.

 

Ook Verhannemans werk is doorspit van symbolen verbonden aan ruimte en sensoriële gewaarwording zoals geur en kleur. Terwijl Terryn het zoekt in het landschappelijke, transporteert Verhanneman de lezer dikwijls naar een ‘veilig’ interieur vol metonymie: de zetel, de auto, de slaapkamer… en alles is bestoft met een laagje verlies dat je kan met je vingertoppen kan opstrijken; zo omschrijft ze het.

 

Op Memento woordfestival verenigden beide kunstenaars zich voor het creëren van een installatie. Terwijl Terryn schilderde en sculpturale constructies opstelde, liet Verhanneman zich leiden door de woordenstroom. Een vijf uur durende performance waarbij poëzie en beeldende kunst uiteindelijk versmolten in een en hetzelfde werk. Het resultaat sprak voor zichzelf: een prachtige schets van hoe woord en beeld zich geslaagd kunnen verenigen en elkaar aanzienlijk kunnen verrijken.

 

De kunstenaars zijn te volgen op de sociale media: klik hier voor Bram Terryn en hier voor Siel Verhanneman.

Author: Wouter Verbeke

Share This Post On

Submit a Comment

Your email address will not be published. Required fields are marked *

Pin It on Pinterest

Deel dit artikel op