“Monsters and Madness”, een intrigerende nieuwe reeks van Jonas Vanderbeke

Het werk van een jonge kunstenaar ontdekken is altijd weer een van de meest boeiende avonturen die ik me kan indenken. Wat het zo spannend maakt is vooral te weten te komen hoe hij tegenover zijn eigen werk staat, hoe hij zijn evolutie ondervindt, hoe hij omgaat met al de inspiratiebronnen die in de huidige wereld zo overvloedig aanwezig zijn. 

Jonas Vanderbeke geeft me dan ook een uitvoerige inkijk in zijn kunstenaarsuniversum, waarvoor ik hem erg dankbaar ben. 

Het eerste onderzoek dat hij moest voeren na zijn studies aan de kunsthumaniora te Brugge en het KASK in Gent was hoe hij zou kunnen werken in zijn atelier. De rust en de stilte in het Begijnhof van Gent, waar zijn atelier zich bevindt, was totaal nieuw voor hem. Van een dynamische omgeving, waar hij elke dag wel mensen kon ontmoeten en nieuwe dingen kon ontdekken, kwam hij terecht in een grote afzondering, waarin hij zijn eigen ritme moest ontdekken. Een tweede zoektocht betrof het formaat. De luxe op het KASK om op groot formaat te werken was enorm en het was afkicken toen hij naar een kleine ruimte moest verhuizen. Daarom begon hij met het uit elkaar halen van zijn schilderijen en elk beeldaspect apart te behandelen op kleinere formaten, om ze in de serie ‘Inter omnia saga’ weer te verenigen.

Zijn belangrijkste inspiratiebronnen? Hij gebruikt vaak modemagazines, op zoek naar kleurencombinaties, vormen en ideeën om een schilderij vorm te geven. Hij houdt ook van oude tekeningen van bloemen en planten, die iets surreëels hebben omdat ze geïsoleerd van de natuur getekend werden. De laatste tijd put hij eveneens veel inspiratie uit de literatuur : zo heeft hij de decadenten ontdekt zoals Joris-Karl Huysmans en diens bijbel van het decandentisme A rebours. Zo heeft hij bijvoorbeeld de lievelingsplanten van Jean Floressas Des Esseintes, de hoofdfiguur uit dit boek, verwerkt in een van zijn schilderijen. In zijn series Between the curtains, Inter omnia saga en Monsters and Madness putte hij ook veel inspiratie uit de films van Peter Greenaway : de overweldigende, barokke film The cook, the thief, his wife and her lover is niet alleen een streling voor het oog maar ook de ideale film om helemaal te ontleden en uit elkaar te halen om nieuwe ruimtes te creëren, vormen te onderzoeken en over te brengen op canvas.

Op de vraag of hij liever figuratief of abstract werkt, is het antwoord dat hij vooral geïnteresseerd is in het spanningsveld tussen beide, om beelden te schilderen waarin men de mogelijkheid van een concrete afbeelding zou kunnen herkennen. Hij is nu vooral bezig met de vraag wat ‘diepte’ betekent in een beeld, een beetje zoals in de half vergeten, Middeleeuwse abstracte kunst. 

Bij het beschrijven van zijn eigen kunst is er de onderliggende vraag hoe de kunstgeschiedenis en de hedendaagse beeldenstorm kunnen worden versmolten tot nieuwe composities. Welke beelden ontstaan er wanneer vroegere beelden uit hun tijd worden geknipt. Is er een visuele eenheid en een evenwicht te vinden? Hij beroept zich op herkenbare motieven en iconen. Zo keren symbolen van vergankelijkheid als het vanitas motief regelmatig terug. Ook het lichaam is vaak aanwezig en verder werkt hij ook steeds weer met bloemen.

Over zijn nieuwste reeks Monsters and Madness geeft hij de volgende verduidelijking : de titel is een rechtstreekse verwijzing naar de 16e eeuwse onderzoeker Ulisse Aldrovandi. In het boek van Umberto Eco Geschiedenis van de lelijkheid komen deze tekeningen ter sprake. Jonas Vanderbeke wilde niet alleen de cultus van de schoonheid onderzoeken, maar ook die van de lelijkheid. Het zijn zeer politiek geladen beelden, maar die politieke laag is voor ons onvoorstelbaar. Men zou kunnen zeggen dat ‘die monsters de verschoppelingen van toen zijn, net zoals men nu verschoppelingen in de maatschappij heeft’, maar volgens  Jonas spreken die beelden op een veel zintuiglijke manier nog steeds tot ons en zijn daarom nog altijd belangwekkend.

Jonas Vanderbeke, uit de reeks Monsters and Madness

Voor welke kunstenaars heeft hij grote bewondering? Als student kon hij uren kijken naar de werken van Francis Bacon, hoe deze zijn vaak verwrongen lichamen in een omgeving plaatste. Ook het idee om werken te maken in meerdere luiken heeft hij aan deze kunstenaar te danken. Sigmar Polke vindt hij eveneens een fantastische kunstenaar, omdat er in zijn werk een grote spanning bestaat tussen esthetiek en ethiek. Verder houdt hij enorm veel van het werk van Caravaggio, van wie hij enkele boeketten als silhouetten heeft verwerkt in zijn tapijtschilderijen. Het idee van de vergankelijkheid van het boeket vindt hij heel eigen aan onze tijd.  Als laatste kunstenaar wil hij Fernand Léger vernoemen, omwille van zijn kleurschakeringen en zijn techniek. 

Zijn plannen voor de toekomst?  Hij organiseert graag zelf tentoonstellingen, zoals hij in mei van dit jaar deed in BLANCO, de tentoonstellingsplek van NUCLEO, waar hij een atelier huurt. Het was een bezinningsmoment om even stil te staan bij zijn eigen werk, los van zijn atelier. Een heel interessant en fijn vooruitzicht is de uitnodiging die hij kreeg van Tatjana Pieters om deel te nemen aan de volgende groepsexpo in haar galerie “THE 4 GATE CONNECTION”, samen met Lysandre Begijn, Ria Bosman, Joel Dean en 4 andere jonge kunstenaars, die zal plaatsvinden van 26 januari  tot en met 1 maart 2020.

Jonas Vanderbeke, (l) Between the curtains, (r) Fragments and Horizons


Ontdek meer werk van Jonas op zijn website, of binnenkort bij Tatjana Pieters Gallery.

Author: Monika Macken

Share This Post On

Submit a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Pin It on Pinterest

Deel dit artikel op