De speelse gelaagdheid in het nieuwe werk van Koen Fillet

I used to see beauty, now I see the truth. Ik had me voorgenomen om Koen Fillet te vragen of de titel van zijn tentoonstelling kon wijzen op een teneergeslagen gemoedstoestand van de kunstenaar. Maar hij ontvangt me monter en opgewekt.

Het eerste dat opvalt bij het binnentreden van zijn atelier zijn echter niet de werken die deze naam dragen, maar de werken links aan de muur. Portretten van al dan niet bekende mensen, die hij is beginnen schilderen wanneer zijn oog vanuit een kikkerperspectief in een boek van de Duitse portretfotograaf August Sanders tuurde. Een verwrongen perspectief, dat maakt dat bepaalde lichaamsdelen van de geportretteerde op bijna groteske wijze het canvas lijken te willen uittreden, als zijn ze er noodgedwongen toe beperkt er voor eeuwig in te blijven. Een wanhoopsdaad, denk ik meteen. Maar Koen relativeert: ‘elk schilderij is in sé abstract’. Het is hem niet zozeer te doen om de interpretatie van de beelden die hij creëert, maar om de compositie, het evenwicht, de balans van kleuren en vormen.

Een moeilijk te verkrijgen balans, al zeker voor een eeuwige twijfelaar. Ik tref hem aan wanneer hij zich de vraag stelt of sommige van zijn portretten, hoe onnatuurlijk ook, niet verrassender zouden zijn wanneer ze horizontaal hangen, in plaats van verticaal. Het onderstreept zijn punt, dat alle schilderijen abstract zijn, en dus dat hier geen portretten hangen, enkel combinaties van kleurvlakken.

Een balans die ook in zijn leven moeilijk te bereiken is. Vreemd, dacht ik. Kunst moet toch juist een rustpunt vormen voor zijn professionele leven dat met woorden is gevuld, terwijl kunst zich juist in stilte voltrekt? De journalist die enkel met zekerheden werkt moet toch een contrapunt vinden in de kunstenaar die welig met twijfels en mogelijkheden speelt? Niet echt, glimlacht Koen, en wijst fijntjes op de extra druk die een kunstenaar ervaart om werk te leveren dat goed bevonden wordt door de kijker, zoniet een impact op hem heeft.

De reeks werken die de titel hebben meegegeven van de komende tentoonstelling, I used to see beauty, now I see the truth, vormt misschien een extra uiting van deze frictie. “Annemie en ik waren in Parijs en wandelden door le jardin des Tuileries”, vertelt Koen. “Een van de standbeelden was ingepakt. De schoonheid van het beeld zat verborgen, we zagen enkel plasticfolie en konden slechts vermoeden wat er zich daaronder bevond. Ik weet het ondertussen: onder het plastic zat La Seine et la Marne van Nicolas Coustou, een zeventiende-eeuwse Franse beeldhouwer. Coustou heeft geen letterlijke rivieren gebeeldhouwd, maar een man en een vrouw die Seine en Marne verzinnebeelden. De afstand tot de werkelijkheid wordt nog groter als je weet dat het beeld in de Tuileriën slechts een kopie is, het origineel staat in het Louvre. Een kopie dus van symbolische rivieren, verborgen onder plasticfolie. En uiteindelijk is het verf waarnaar u kijkt, verf die plasticfolie weergeeft waaronder een kopie verscholen zit van symbolen die Seine en Marne voorstellen.”

Een speelse gelaagdheid dus, een optische illusie net als het perspectief in zijn portretten. Want dat is Koen ook: een kunstenaar die, ondanks de ernst van zijn praktijk, spelenderwijs de mogelijkheden ervan verkent.

(foto’s TheArtCouch)


I used to see beauty, now I see the truth met nieuw werk van Koen Fillet is van 26 april tot 19 mei in Cultuurhuis De BijlDorp 1, Zoersel
Vernissage: vrijdag 26 april, 20 u.

Author: Frederic De Meyer

Share This Post On

Submit a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Pin It on Pinterest

Deel dit artikel op