Ekphrasis: schrift als kunst bij Villa Empain

De betekenis van het Griekse woord Ekphrasis is een beeldende beschrijving van een echt of fictief kunstwerk met als doel een krachtige visualisering te creëren. Met deze definitie in het achterhoofd brengt de Boghossianstichting een veertigtal bekende kunstenaars samen. Deze kunstenaars experimenteerden sinds de jaren zestig met het schrift als middel om beelden te vervangen of te beschrijven. In de statige omgeving van de Villa Empain treden o.a. Marcel Broodthaers, Fred Eerdekens, Shirin Neshat, Lawrence Weiner en Barbara Kruger met elkaar in dialoog.

De Amerikaans-Britse auteur Henry James zei ooit dat schilders een groot wantrouwen hebben tegen hen die schrijven over schilderijen. Gustave Flaubert deed er nog een schepje bovenop door te beweren dat de ene kunstvorm verklaren door een andere een monstruositeit is. En Matisse? Die beweerde dat ‘kunstenaars hun tong moeten laten afsnijden.’ Goede schilderijen behoeven geen woorden.

Het is dan ook duidelijk dat de Villa Empain met haar nieuwe tentoonstelling Ekphrasis, het schrift in de kunst een heikel onderwerp heeft aangesneden. Ondanks de tegenstand van James, Flaubert en Matisse (en wellicht nog vele anderen) is ekphrasis een eeuwenoud begrip. Het eerste voorbeeld treffen we aan in de Ilias waar de blinde dichter Homerus het schild van Achilles beschrijft. Later zal W.H Auden het rijtje vervoegen met zijn gedicht In the Musée des Beaux Arts waarin hij Pieter Brueghels De val van Icarus beschrijft. Ook Ode to a Grecian Urn vanJohn Keats past perfect in de eregalerij. Dichter bij huis waagden Willem van Toorn en Hugo Claus zich eveneens aan het genre. Inspiratie werkt wel in beide richtingen. Zo zou Botticelli een van zijn werken gebaseerd hebben op een oude beschrijving.

Voor Ekphrasis, het schrift in de kunst bracht de Italiaanse curator Bruno Corà meer dan veertig kunstenaars samen bij wie taal centraal staat. Voor kunstenaars als Shirin Neshat, Barbara Kruger of Jenny Holzer is taal een vorm van aanklacht, terwijlArt & Language , Tracey Emin en Alighiero Boetti eerder de nadruk leggen op persoonlijke boodschappen voor de kijker. Het taalspel van Ben Vautier treedt op zijn beurt in dialoog met de filosofische vragen van Marcel Broodthaers en Fred Eerdekens naar het leesbare en onleesbare.

Lawrence Weiner, Anything added to something – © Yves Joris

Corà schotelt de bezoekers een staalkaart voor van hedendaagse kunstenaars die zich achter de gemeenschappelijke noemer van taal en woord scharen. Bij de werken zelf is weinig informatie te vinden. Naam van werk en kunstenaar. Een handig tentoonstellingsgidsje maakt je meer wegwijs.

Fred Eerdekens belandt zeker in mijn persoonlijke top 3 met zijn werk Muse, waar een kamerplant de hoofdrol speelt . De kunstenaar werkt in drie dimensies waarbij hij taal, materiaal, licht en schaduw combineert. De kamerplant heeft op het eerste zicht geen enkele band met taal, tot de juiste lichtinval het groen tot leven wekt. Door het gearrangeerde gebladerte tovert een gerichte lichtstraal het woord Muse op de wand. Het is slechts bij gratie van het licht dat het kunstwerk tot leven komt. Taal met een conceptuele knipoog die karakteriserend is voor het werk van Eerdekens.

Fred Eerdekens, Muse – © Yves Joris

Mounir Fatmi tekent met zijn Union Impossible voor mijn tweede persoonlijke favoriet. Deze Marokkaanse kunstenaar die werkt en reist tussen Parijs, Lille en Tanger, focust zich met zijn werk op het einde van dogma’s en ideologieën. Een nadere blik op het kunstwerk verklaart al snel de titel. Een oude typemachine met Hebreeuwse letters tovert Arabische kalligrafie tevoorschijn. De link met de ontvlambare situatie in het Midden-Oosten kan niet poëtischer verwoord worden.


Mounir Fatmi, Union impossible, 2013
© Thibault De Schepper

De actualiteit vind je ook in de fotografie van de Iraanse Shirin Neshat, mijn absolute favoriet van deze tentoonstelling. De fotografe en videokunstenares verliet in 1974 haar geboorteland om verder te studeren in de Verenigde Staten. Haar foto’s van jongeren die tijdens de Arabische lente op straat kwamen, maakten haar niet populair in haar geboorteland. De foto van Nida (2012) oogt plechtstatig: de hand op het hart. Wie dichterbij komt, merkt de gekalligrafeerde teksten op haar huid. De Farsi teksten uit The book of kings van de Perzische dichter Ferdowsi, vormen een stille getuige van haar culturele afkomst. Je staat vol bewondering, maar tegelijk besef je dat je iets mist. Het werk laat je maar tot op zekere hoogte toe. Taal is niet alleen expressief, maar treedt ook vaak op als beperkend.

Shirin Neshat , Nida – © Yves Joris

De selectie die Corà  voor Ekphrasis, het schrift in de kunst maakte, is van hoge kwaliteit en verlangt de nodige aandacht van de bezoeker. Door de beperkte informatie in de verschillende kamers van de Villa Empain moet je zelf op zoek naar verbanden.  Maar is dat nu net niet het leukste? Een eigen verhaal schrijven bij een tentoonstelling over taal.

Author: Yves Joris

Share This Post On

Submit a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Pin It on Pinterest

Deel dit artikel op