Intimiteit voor even ontsluierd

(c) Willy Vynck – Intimacy I

Een aantal weken geleden publiceerde klinisch psycholoog en hoogleraar Paul Verhaeghe het boek ‘Intimiteit’ waarmee hij de betekenis van dit rekbare begrip opnieuw scherp probeert te stellen. Hij deed de afgelopen jaren hetzelfde met identiteit en autoriteit. Zijn these in zijn laatste boek is dat de belangrijkste intieme relatie die we kunnen hebben, die met ons eigen lichaam is en dat we zonder een goede afstemming op dat eigen lijf moeilijker intieme relaties kunnen aangaan met de ander. Onafhankelijk van de totstandkoming van dit boek opende begin deze maand rond dit thema ook een tentoonstelling in de Gentse Galerie S & H De Buck. Geïnteresseerden spoeden zich best. De expo gaat vandaag haar laatste week in.

Zowel het boek als de gelijknamige expo vertrekken los van elkaar vanuit dezelfde intentie: de lezer/beschouwer laten nadenken over de betekenis van intimiteit. Het boek doet dit op een meer analytische en cerebrale wijze dan de groepstentoonstelling, anderzijds bieden de 22 kunstenaars en hun recente werken onder het curatorschap van Hermine De Groeve meer verscheidenheid aan mogelijke interpretaties en visies. We worden geconfronteerd met onze persoonlijke intimiteitsbeleving en uitgedaagd om na het stilstaan ook na te denken over de gelaagdheid van het begrip en de veelheid aan betekenissen die voortvloeien uit de vele uitingsvormen en dito gradaties van intimiteit.

De gradaties van een type intimiteitsbeleving zijn van belang omdat daarin zowel particulariteit als complexiteit verscholen liggen. Dat maakt dat intimiteit voor iedereen ook iets anders betekent en zich moeilijk laat veralgemenen. De verschillende werken resoneren dan ook bij iedereen anders. In wat volgt, zullen een aantal van de opgenomen kunstwerken in een breder kader worden geplaatst.

(c) Robine Clignett – Indigo ultramarijn (2017)

 

Materiaal

Een beeldend kunstenaar veruitwendigt denkbeelden bij gratie van het gebruikte materiaal. De tactiele eigenheid van het werken met verf zorgt voor een intieme relatie met dit materiaal (verf op doek). Dat kan rudimentair zijn onder vorm van lichaamssappen -wat heel intiem te noemen is- maar evengoed met verschillende soorten verf, bister, houtskool, koffie enzovoort. De relatie is er één van afhankelijkheid waarbinnen de kunstenaar in alle openheid moet kunnen vertrouwen op wat het materiaal hem/haar als scheppend kunstenaar allemaal kan bieden om te zeggen wat gezegd moet worden. Patrick Verlaak laat met “Via dei legni, Sentiero 76” (2017) zien dat de verflaag een huid is waaronder een heel intiem creatieproces schuil gaat. Hij verwoordt het zelf als volgt:

“Binnen de begrenzing van het doek, onder de huid van het schilderij, ligt het vermoeden. Ontsloten. Het verlangen door te dringen in de intieme processen, die de oppervlakte hebben gevormd.”

(c) Patrick Verlaak – Via dei legni 76 (2017)

Als Alex De Bruycker zijn “No title” (2018) concipieert waarbij hij chiffon als drager voor zijn acrylverf gebruikt, dan is dat niet onschuldig, maar een bewuste keuze. Deze doorzichtige stof werd begin de 20e eeuw al gebruikt voor nachtjurken. De eerste chiffon was pure zijde tot de synthetische varianten haar vervingen enkele decennia later. Het is letterlijk een stof die vanuit de intieme sfeer tot drager van de artistieke geste wordt gepromoveerd. Zowel uitzicht als symboliek maken het werk bijzonder in deze thematische context.

(c) Alex De Bruycker – No title (2018)

Thematisch

Andere in de expo opgenomen werken spreken met een figuratieve kracht over wat intimiteit is of tot wat het is verworden. De intimiteit die Christina Mignolet weet te capteren, is sterk gelieerd aan de onschuld. We zien op beide werken een jong kind staan. Waar “Inner shadow” (2018) de onschuld zelve als onderwerp lijkt te hebben, toont de kunstenaar in het andere werk een kind dat intiem lijkt te zijn met een scherm van een tablet. Het blauwe opspelende licht verraadt de verbondenheid van het kind met het scherm, iets waar menig ouder vandaag getuige van is. Zo maakt ze de beschouwer bewust van een soort van surrogaatintimiteit die aan het ontstaan is van heel jongs af aan. Ik pleit schuldig. Mijn kinderen zitten ook soms gebogen achter een scherm waardoor de hele fysieke ervaringswereld verbannen lijkt te worden. Het wordt verdacht als deze platte virtuele lichtgevend wereld potentiële momenten van wezenlijke intimiteit vervangt. 

(c) Christina Mignolet (2018)

 

Stefaan Van Biesen sluit met zijn “Guardainefantes” (1994) nauw bij dit thema aan. De installatie trekt de aandacht in de tentoonstellingsruimte. Van Biesen werkte in het verleden wel vaker met elementen die een (t)huis representeren zoals “(f)luisterhuisje” (1998) en “Mindscape. Landscape” (1998). Hier lijkt moeders rok groot genoeg voor het onderbrengen van al haar kinderen als dit nodig zou blijken. De intimiteit van de moeder-kindrelatie wordt zo onverholen centraal gesteld als één van de meest authentieke en intimistische relaties die we als mens kunnen aangaan tijdens ons leven. Niemand ontsnapt aan de relatie met de moeder. Helaas deinst de intimiteit hierbij soms terug omwille van uiteenlopende omstandigheden. Van Biesen eert met dit beeld de beschermende moeder en haar onvervalste, biologisch geaarde intenties jegens haar kinderen.

(c) Stefaan Van Biesen – Guardainefantes (1994)

 

Het lichaam

Zoals gesteld in het begin van dit artikel kan intimiteit in beginsel gezien worden als de relatie die we met ons eigen lichaam aangaan. Enkele van de kunstenaars lijken met hun werk vanuit dit beginsel te vertrekken. Hans Defer laat met “C.S.13.0718” (2018) een naakte vrouw zien, gezichtsloos, zich ietwat onwennig vasthoudend aan een steun buiten beeld. Het roept het eigen naakte spiegelbeeld op. De spiegel reflecteert visueel de status van het eigen lichaam, onverhuld, confronterend en het narratief dat we onszelf erover vertellen bijstellend. Of misschien is het een naaktportret van een naaste waardoor de act van de kunstenaar beide deelnemers in het moment op een bijzonder intieme manier verenigt.

Ook het werk “Equi-librium” (2018) van Herve Martijn past in dit rijtje. Het model omarmt de eigen opgetrokken benen. Het haar verbergt haar gelaat. Het toont de menselijke conditie en het zoeken naar evenwicht hierbinnen, met zichzelf en de ander. Introspectief en naar buiten gekeerd.

(c) Herve Martijn – Equi-librium (2018)

 

Culturele predispositie

De kracht van de expo zit onder meer in het verkennen van andere culturele tradities. Intimiteit en haar uitingsvormen en gradaties zijn sterk cultureel bepaald. Bilal Bahir is een Iraakse kunstenaar die met zijn beeldend werk de culturele diversiteit verkent, al dan niet volgens een bepaalde chronologie. Ze vertonen een surreëel karakter en zijn minder eenvoudig te doorgronden. Tegelijk doen ze nadenken over de onmogelijkheid tot gelijkschakelen van de veelheid aan tradities en levenbeschouwelijke voorkeuren als het op intimiteitsbeleving aankomt.

(c) Bilal Bahir – Zonder titel (2018)

 

Met haar “Memories of intimacy” (2012) vertrekt Maureen Bachaus zoals wel vaker vanuit gedachten en gevoelens van mensen, op basis van oude foto’s en gevonden voorwerpen. Persoonlijke identiteit binnen verschillende culturen en achtergronden is een centraal thema dat geregeld terugkomt in haar werk. Wladimir Moszowski toont met “White light” (2018) tenslotte een fantasiewereld waarbij een badende vrouw in badpak ergens in een meer naar het weerkaatsende licht lijkt te staren. Licht op water, jonge vrouwen en paarden bevolken veel van zijn schilderijen. De taferelen werken bevreemdend bij een eerste aanblik. Als beschouwer zoek je naar aanknopingspunten om het narratief te duiden, maar al snel realiseer je je dat dit niet hoeft. Het is een soort magisch realisme, een droomwereld waarin de tijd trager verloopt en mensen en dieren bijzonder galant en esthetisch worden voorgesteld.

(c) Wladimir Moszowski – White light (2018)

 

De beschouwer krijgt vele kansen om intimiteit als begrip te kaderen met behulp van dikwijls bijzonder intrigerend werk. Als kijker sta je ook stil bij de eigen invulling ervan en de intimiteit tot je eigen persoon. Hoe leef je binnen de natuur als stuk natuur (Verhaeghes “Sebastian I” – 2018)? Hoe ga je om met je eigen lijf? Welke verhalen vertellen we onszelf over onszelf? (De Grootes “Red” – 2018).

Deze groepstentoonstelling nodigt uit om de confrontatie niet uit de weg te gaan, maar op zoek te gaan naar wat ons als menselijke soort uniek maakt in onze beleving van wat intimiteit allemaal kan zijn, in al zijn vormen en gradaties. Een aanrader voor wie het thema intimiteit middels uiteenlopend beeldend werk wil ervaren. Zeg nu zelf, een extra injectie intimiteit zo aan het warme eind van een even jaar, daar kan niemand iets op tegen hebben.

Intimacy is nog tot en met 30 december 2018 te zien in Galerie S & H De Buck in Gent. 

Author: Koen Van Damme

Share This Post On

Submit a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Pin It on Pinterest

Deel dit artikel op