Pierre Huyghe, kunst als onvoltooid concept

Dat de kunst vandaag in een nerveuze centrifugale toestand is terechtgekomen is een open deur intrappen; het inflatoire klimaat van het kunstgebeuren zowel aan de publieke als de private kant, veroorzaakt een spectaculair aanbod van kunst dat zich horizontaal manifesteert als een soort verdichte melkweg. De kunst verkeert in een zweem van  regressie of verankert zich in een spiraal van 1/1 bespiegelingen over de actueel harde ‘globale’ realiteit. Weinig kunstenaars zijn in staat om de sprong te wagen naar het onbekende, weinig kunstenaars zijn bij machte om een beeldtaal te creëren die een nieuwe en niet  naar imitatie overleunende  inhoud insinueert: m.a.w kunst die  aanstuurt op een ander en onbekend  format van denken – kunst die de grote  “le constat” achter zich laat en beelden ontgint die nog niet of nauwelijks te zien zijn. 

In 2000 wist de Belgische kunstenaar Frank Theys (1963) een installatie te realiseren, gebaseerd op toen erg besproken experimenten.  Wetenschap is steevast een vaste factor in Frank Theys’ kunstproductie en dat was heel merkwaardig in zijn  pre-visionaire installatie “Dr. Yang Dan’s Cat Scan”. Deze installatie is gebaseerd op het onderzoek van de neurowetenschapster Yang Dan die er toen in slaagde beelden af te tappen van een kat en die opnieuw visueel  te reconstrueren.  Frank Theys voegde er meteen aan toe: “Rechtstreeks beelden aftappen uit iemands hersenen is een wilde droom voor kunstenaars”. Deze installatie is inmiddels in publiek bezit van de Vlaamse Gemeenschap en kan als een vroege prélude doorgaan van het recente werk van de Franse kunstenaar Pierre Huyghe (1962) die loopt in Serpentine Gallery in London

De Serpentine Gallery transformeerde  Pierre Huyghe tot een quarantaine – tot een biotoop waarin een klimaat heerst van een “diverse” levendigheid; quasi ongezien bewegend leven stuurt hier letterlijk de regie aan én de verschijningsvorm van de tentoonstelling. Pierre Huyghe laat als kunstenaar de tentoonstelling in de steek en laat letterlijk de gang van zaken over aan levende organismen zoals een zwerm zwarte vliegen en aan de bezoekers die op dat moment rondlopen in de tentoonstelling. Ook de schommelende  temperatuur en de vochtigheid zijn externe factoren die via ongeziene censoren het ritme van de tentoonstelling bepalen. Massa’s vliegen maken zich meester van de ruimte en vooral de gekromde cirkel met tussenruimte tegen het plafond van de centrale Serpentine-zaal,  doet dienst doet als een ongecontroleerde en open broedmachine voor de insecten. Vliegen én mensen met hun onderlinge niet altijd even wederzijdse hoffelijkheid,  veroorzaken samen met de eerder vermelde ‘aanwezigheden’  mee de snelheid van de beelden op de vrijstaande LED -schermen. 

De beelden op de staande LED-schermen zijn afkomstig van psycho-neurale experimenten met mensen die gevraagd worden een afbeelding te bekijken of aan iets terug te denken dat zij eerder bekeken en waarvan tot heel diep in de hersenen de beelden worden gecapteerd via krachtige scans. Wat blijkt is een  “verre” herkenbaarheid van zeer flitsend  en nerveus afgespeelde beelden – gestuurd door de externe (aanwezige) menselijke impulsen en door insecten (vliegen) – een invasie van beelden die ons aan “iets” doen denken uit onze vertrouwde werkelijkheid maar ons ook confronteren met duistere nabeelden uit één of andere nare nachtmerrie. Uiteraard doet dit werk ons hard nadenken over de correlatie tussen wat we denken en “hoe” ons denken diep in onze hersenen wordt omgezet in (ver)beeld(ing). Het denken aan iets is nog geen kijken naar iets… De beelden zijn confronterend anti-esthetisch, ze komen instant voor onze ogen gerold en worden via “een curator onafhankelijke impuls”  permanent geleid naar telkens opnieuw een unieke stroom van beelden.

Pierre Huyghe werkte hiervoor samen met Japanse wetenschappers van de Kyoto University  die via een (veel) verder ontwikkelen van de door iedereen bekende MRI (magnetic resonance imaging) via geavanceerde toepassingen  van artificiële intelligentie in staat zijn  om menselijke gedachten te decoderen en in beeld te brengen. “Deep Image Reconstruction” is in staat om beelden, objecten en gedachten visueel te maken en dat kan en zal  tot ongekende mogelijkheden, experimenten en scherpe ethische debatten leiden. Researcher Yukiyasu Kamitani: “Deze beeldtechnologie kan  de mogelijkheid bieden om alleen op basis van ‘aan iets te denken’ kunst te produceren; dromen zouden in beelden kunnen worden omgezet en hallucinaties van psychiatrische patiënten zouden via deze techniek de patiënt goed kunnen helpen bij herstel”.   

Dit is ronduit  een straffe tentoonstelling die je ter plekke als een fysiek-persoonlijke ervaring moet mee-maken. Deze tentoonstelling  zet zich in deze digitale tijden sterk af tegen  kunst die al dan niet virtueel kan ‘vervoerd” en bekeken worden,  waar dan ook  – in een galerie of een museum tot zelfs in de knusse zetel thuis… 

Pierre Huyghe stelt zich in deze virtuele tijden radicaal op door de tentoonstelling an sich te redden door ze te beschouwen als een biotoop en niet als een bioscoop. 

Zijn tentoonstellingen “leven” en veranderen net als “ons” leven en dat is een grote verdienste van Pierre Huyghe.  De ervaring van het kijken naar kunst koppelt hij aan het uit handen geven van het veilig tonen van kunst in een smetteloze context van bijvoorbeeld een standaard white cube.

Hij tackelt tegelijk zijn werk als koopwaar, zijn kunst worden machines die hij zelf niet  meer manipuleert maar integendeel laat manipuleren op de cadans van het toeval van o.a. niet gedomesticeerde natuur zoals een zwerm vliegen. 

Op de vloer van Serpentine ligt er tegen bepaalde muren van de Serpentine een laag stof die soms als stof met de wandelende bezoekers naar buiten wordt gewandeld. Het stof is afkomstig van een geduldig afpitsen van de vele (gekleurde) verflagen op de expo-wanden van de Serpentine Gallery. Door het nauwgezet afschrapen van die lagen verf,  bereikt Pierre Huyghe een soort concentrische cirkels die (zelfs) doen denken aan mijnbouw. 

De geologie van de geschiedenis van de voorgaande tentoonstellingen van Serpentine weet Pierre Huyghe hier te presenteren als ringen van een oude boom. 

Extra

Men kan zelfs bij het werk van Pierre Huyghe niet meer spreken over artistieke productie;  hij produceert niet – hij brengt een aantal levende ingrediënten in een specifieke plaats en laat die ontkiemen, broeden, afsterven en woekeren als in een bokaal in een lab. 

De uitkomst is nooit zeker, de bezoekers weten nooit wat ze te zien krijgen – hoogstens een efemeer-unieke stand van zaken van een proces dat Pierre Huyghe baseert op geavanceerde kennis uit de fundamentele én toegepaste wetenschap. 

Wie het oeuvre overschouwt van Pierre Huyghe kan gerust stellen dat hij vandaag tot dat handvol  innoverende kunstenaars behoort die alle regels van de kunst ontwijkt en ervoor zorgt dat kunst buiten schot blijft van het vermakelijke kunstobject. 

Dat bewees hij ruimschoots met méér dan overrompelende bijdrage tijdens documenta 13 in Kassel met  “Untilled” (2012) waar hij in een verloren hoek van een park in Kassel geschiedenis schreef met een abjecte installatie waarin een betonnen sculptuur in de vorm van een vrouw gekenmerkt werd met een  hoofd als een zoemende bijenkorf.  

De hond Human met één in roze gekleurde poot liep daar rond als een opzichter; als een toets in een onbestemd ruig landschap waar alles in permanente verandering was… 

In Münster (2017) verbaasde Pierre Huyghe een ruim publiek opnieuw met een gigantisch indrukwekkend landschap in een in onbruik geraakte ijspiste. Wat Huyghe daar realiseerde grensde aan het ongelooflijke;  de ijspiste werd één groot eco-systeem waarin natuur werd gesimuleerd, gestimuleerd en “gewijzigd” door talrijke factoren zoals gsm-signalen, de bewegingen van bijen, kankercellen in een broedmachine enz… Het resultaat van “After Alife Ahead” werd dé ervaring in jaren in de circuits van kunst en dito (cultuur-toeristische)  projecten.  

Pierre Huyghe neemt deels de strategie over van die andere baanbrekende Franse kunstenaar Daniel Buren – die met het begrip ‘in situ’ zo vele kunstenaars attent maakte op het nooit fixeren van één ziens-wijze in het produceren van kunst in een bepaalde plaats tijdens een bepaalde periode. Pierre Huyghe verleent met zijn oeuvre beelden over  een kritische beschouwing van de rol van kunst die vandaag weeral en alom blijft haperen in een regressief maken van mooie beelden zonder of met bitter weinig voeling met wat écht “fundamenteel” gebeurt en verandert  in de wereld. 

Pierre Huyghe maakt onheilspellende schoonheid van een andere orde, waarvoor kunstzinnige woorden afhaken als bij het vallen van de groene bladeren van een boom. 

Luk Lambrecht 


Pierre Huyghe: UUmwelt loopt nog tot 10 februari bij Serpentine Gallery, klik hier voor alle info.

Author: Luk Lambrecht

Share This Post On

1 Comment

Submit a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Pin It on Pinterest

Deel dit artikel op