De toekomst van kunst #1

Er verschenen opvallend wat artikels over ‘de toekomst van kunst’ de laatste tijd. Ongetwijfeld voelen experts intuïtief aan dat er iets aan het veranderen is en, hoewel het steeds risicovol is om de toekomst te voorspellen, zijn er tekenen aan de wand van hoe zo’n toekomst er uit zou kunnen zien. We lichten er een aantal toe in evenveel artikels.

Professor aan het Sotheby’s Institute of Art, Jonathan T.D. Neil, ziet drie grote drijvende krachten die de kunst grondig aan het veranderen zijn:

3 voorspellingen

    1. De opkomst van China (en Azië) als centrum van de wereldwijde kunstmarkt. In de nasleep van de economische supermacht, zal China ook artistiek alle vernieuwing en investering naar zich toe trekken. De groeiende middenklasse begint nu ook lokaal vervaardigde producten te consumeren, wat een fenomenale groei van de ‘creative economy’ zal bewerkstelligen. New York en Londen zullen grote kunstmarkten blijven, maar dan voornamelijk als vertegenwoordiging van de ‘oude’ kunststromingen.
    2. Een boudere stelling: kunst zal in de nabije toekomst vooral een kwestie zijn van intellectuele eigendom, aldus Neil. Digitale disruptie is nog een nieuw begrip op de kunstmarkt, maar is schuchter aan een opgang bezig dankzij online kunstmarkten, en projecten als Google Art. Maar digitalisering zal ook een grondige impact hebben op hoe kunst zelf wordt gemaakt en door toeschouwers wordt ‘geconsumeerd’. De productie van kunst zal overigens meer decentraal gebeuren, waar verschillende (groepen) kunstenaars elk een stukje (letterlijk een stukje code) bijdragen aan de kunst. In die zin wordt intellectuele eigendom inderdaad een vette kluif om te beheersen (al zeker voor advocaten).
    3. Ietwat enigmatischer: Neil voorspelt het einde van het individualisme in de kunst, dat zou vervangen worden door een ‘inclusionisme’. Het ‘Chinese model’ toont aan dat economische groei niet noodzakelijk gepaard moet gaan met een neo-liberaal (per definitie individualistisch) beleid. Los van de minder fraaie kanten van het Chinese model is het zo dat het waarden als conformisme en ‘emulatie’ dieper in de Chinese cultuur zijn ingebed. Als de invloed van China in de toekomst nog toeneemt, zo zullen misschien ook de culturele waarden ervan breder worden aangenomen. Neil ziet een toekomst waarin kunstenaars zich zullen groeperen rond talenten, om samen projecten te realiseren – een model dat ook in het bedrijfsleven in groeiende mate ingang vindt.

Onze mening

Elk van deze drie stellingen zijn volstrekt verdedigbaar, zelfs met andere argumenten dan deze die Neil gebruikt in zijn (te kort) artikel. De tekenen van de drie stellingen zijn dan ook nu reeds goed merkbaar:

China is ongetwijfeld nu reeds op gebied van afzet als aanbod de grootste markt voor hedendaagse kunst aan het worden. Eenieder die een bezoek brengt aan het 798 District in Bejing kan zich er zelf van overtuigen;

  • Digitalisering is nu reeds in alle gelederen van de kunstproductie aan het doorstromen –lees hiervoor bijvoorbeeld het artikel over hoe een recente tentoonstelling van de University of New York fel inzette op nieuwe vormen van interactiviteit met de toeschouwer ; op zich is dit ook een verderzetting van ontwikkelingen die we in andere domeinen kunnen bespeuren – denk bijvoorbeeld maar aan 3D printing en de aardverschuiving die dit betekent voor productie en transport bij ondernemingen.
  • Dat de maatschappij langzamerhand meer participatief wordt heeft overigens ook reeds substantiële invloed op andere domeinen van onze samenleving. De ‘sharing economy’ is bijlange niet beperkt tot de Uber’s en de Aibnb’s, laat staan het delen van auto’s. Het treft ook de banksector, de dienstensector, en zoveel meer. Maar deze nieuwe mentaliteit vertaalt zich ook in andere ontwikkelingen, zoals crowdsourcing, peer-topeer ontwikkelen en open sourcing. Allemaal ontwikkelingen die fundamenteel een anders denken over de maatschappij impliceren. Dat deze in de kunstwereld weerklank vinden lijkt dat ook vanzelfsprekend –misschien kan men zelfs stelling dat voor het eerst de kunst achterop hinkt op maatschappelijke ontwikkelingen.

Elk afzonderlijk zijn de gedachten van Neil dan ook verdedigbaar. Maar samen genomen leiden ze wel tot een aantal contradicties. Zo kan de hegemonie van het Chinese model niet overeenstemmen met de verregaande digitalisering en ‘inclusionisme’.

Het blijft een geglobaliseerde wereld, waarin je afkomst het niet onmiddellijk uitmaakt. Kijk naar hoe WordPress , Linux of Drupal in de technologische sector tot stand kwamen: dit waren (en zijn nog steeds) wereldwijde participatieve, inclusieve verwezenlijkingen, die duizenden mensen uit alle uithoeken van de wereld bij elkaar brachten rond een project. Als kunst ‘inclusief’ zal worden, zoals Neil beweert, dan is het weinig waarschijnlijk dat een bepaalde regio daar een hegemonie over zal verwerven.

Author: Frederic De Meyer

Share This Post On

Submit a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Pin It on Pinterest

Deel dit artikel op