“De kunst van het herstel”, 3 vragen aan Berlinde De Bruyckere

Met meer dan 75,000 bezoekers op de tentoonstelling van haar beeldhouwwerken en tekeningen in het SMAK begin vorig jaar, behoort Berlinde De Bruyckere ontegensprekelijk tot de groep coryfeeën van de Belgische hedendaagse kunstscène. Niet vanzelfsprekend. Haar beelden van verwrongen, lijdende lichamen worden vaak met enige angst bekeken, ene critici noemde haar werk zelfs ‘pathetisch’. In het interview dat ik in augustus 2012 met haar voerde zei ze zelf hierover:

“Ik versta soms wel die kritiek. Het zijn moeilijke beelden, ze zijn niet hapklaar. In elk beeld zit er een soort aantrekken, maar tegelijkertijd ook een soort afstoten. Sommigen willen er dan ook van wegkijken, wat ik volkomen kan begrijpen. Zij die er van wegkijken, kunnen dus geen ingang vinden in dat werk.”

Haar plastische werken mogen echter niet doen vergeten dat ze een wisselwerking bieden met de gevoelens die ze opwekken. Is het bij haar zoals bij de in 2009 overleden kunstenaar Philippe Vandenberg, die stelde: “we moeten de materie vergeten en de verf overwinnen”?

“Heel zeker. Het werk moet de materie overstijgen. Alleen is de materie natuurlijk het medium om een soort gevoel op te roepen of mensen te laten stilstaan bij je werk. Je kan het niet ontkennen of zeggen dat het niet belangrijk is. Maar ik weet heel goed wat hij bedoelt: als het eerste wat in je opkomt is van: “Uit wat is dat beeld gemaakt?” en “Amai, dat ziet er moeilijk uit!” of “Hoe zouden ze dat gedaan hebben?”, dan heeft de materie de overhand op de inhoud en de kracht van het beeld. Ik denk dat het noodzakelijk is dat de twee in evenwicht moeten zijn om een goed resultaat te hebben.”

Is het dan niet makkelijker om abstracte kunst te gaan maken? Het gebruiken van vlees als beeld verhindert misschien het ontdekken van de geest erachter?

Het is natuurlijk altijd iets als je vertrekt van figuratie. Ik vertrek van afgietsels op mensen, dieren of bomen. Vooral het type beelden dat ik maak, vertrekt altijd van een afgietsel van de realiteit die onder mijn handen vervormd wordt tot een beeld. Ik vind het heel belangrijk voor mezelf dat die herkenbaarheid en die figuratie daar nog is, ook al worden de beelden de laatste tijd vaak veel abstracter. De beelden ‘The Wound’ die ik in Istanbul heb getoond, zijn heel abstract qua verschijningsvorm, maar doordat er in die abstracte beelden gebruik is gemaakt van fragmenten of menselijke anatomie of van stukken boom, heb je toch nog altijd die aanknoping met de realiteit. Zo zal je stukken herkennen van een arm of een stuk van een lichaam, een tak of een gewei. Het geven van figuratie om toegang te vinden tot mijn werk, vind ik toch wel belangrijk omdat je na de herkenning verder kan gaan tot een mentale kwestie of vraagstelling.

Het volledige interview vind je op mijn blog, en in mijn boek.

In 2016 heeft De Bruyckere een solo-tentoonstelling bij galerij Hauser & Wirth in New York.

Share This Post On

Submit a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Pin It on Pinterest

Deel dit artikel op