Bendt Eyckermans: 120 jaar ervaring in een jonge kunstenaar

Om Bendt Eyckermans tot de aanstormende talenten te rekenen is het wellicht te laat. De late twintiger heeft intussen zijn eigen plek veroverd aan het hedendaagse kunstfirmament. Op enkele jaren tijd ontpopte hij zich tot de nieuwe lieveling onder de Vlaamse schilders. Hij wordt nationaal en internationaal nauw gevolgd door verzamelaars, die intussen op steeds langer wordende wachtlijsten hun beurt moeten afwachten. De kunstenaar zelf blijft er behoorlijk nuchter bij. 


Bendt ontvangt ons in het voormalige atelier van zijn vader en grootvader, waar hij alle dagen werkt, omringd door hun kunstwerken. “Ik vond het wel praktisch om te schilderen. Mocht ik sculpturen maken zou hier gewoon totaal geen ruimte meer zijn. Mensen hebben vaak een romantisch beeld van de kunstenaar, de eenzaat die op zijn zolderkamertje zijn zielenroerselen aan het doek toevertrouwt, maar zo voel ik me geenszins. Het komt gewoon neer op keihard werken.” Eyckermans is een oude ziel in een jong lichaam, een fascinerende mengeling tussen een diepgewortelde kennis van de kunstgeschiedenis en nieuwe inzichten. Als typisch kind van zijn generatie goochelt hij niet graag met gewichtige definities over zijn werk, doch hij weet het mooi en ongekunsteld onder woorden te brengen. 

Eyckermans hanteert een heel herkenbare beeldtaal, waarin zowel de invloed van het sculpturale werk waartussen hij opgroeide als de Vlaamse schilderkunst van een eeuw geleden voortdurend doorschemeren. Handen vervormen tot klompen, alsof Permeke of Gustave Van de Woestyne ze elk moment in een veld zouden laten wroeten. Ledematen groeien tot groteske proporties, maar zoals bij Eyckermans’ voorgangers wordt de menselijkheid van de personages hierdoor juist meer benadrukt.

Constante verwondering

Vaak wordt zijn werk vergeleken met bas-reliëfs, zoals zijn grootvader er ook maakte. Het belang van deze achtergrond kan nauwelijks overschat worden, en vormde Eyckermans van kleins af tot de artiest die hij nu is. “Ik kom uit een familie van beeldhouwers en ik vind het niet alleen boeiend om hun werk te integreren, maar ook om hun inspiratiebronnen te ontginnen. Naast een groot aantal kunstwerken van mijn vader en grootvader huist hier ook de volledige familiebibliotheek, vol oude kunstboeken gevuld met krantenknipsels die zij interessant vonden. Door dat materiaal laat ik me nu graag beïnvloeden, terwijl ik als kind al schetsen maakte van de beelden hier.” Het atelier als een plek van constante verwondering, die hij vast wil houden en overbrengen op de kijker.


“Als kind kon ik urenlang kijken naar de beelden van mijn grootvader, ik had geen idee wat ze moesten voorstellen of wat de betekenis erachter was. Die openheid, dat mysterie wil ik meenemen”, vertelt Bendt ons. Het is belangrijk voor mij om niet gewoon werk te maken dat deint op mijn eigen gemoedstoestand. Werk ontstaat pas als het wordt bekeken, begint te leven als de toeschouwer eigen associaties maakt. Anders was ik beter schrijver geworden, dan is er tenminste een begin en een einde, terwijl de meeste van mijn werken ontstaan uit een gevoel, een atmosfeer die ik wil neerzetten. Als dat niet gelukt is, beschouw ik een werk als mislukt. Ik schilder niet om een verhaal te vertellen. Ik vind het een arrogant idee om te verwachten dat de toeschouwer hetzelfde ervaart als wat jij voelt. Ik wil dat mensen zelf zoeken en zelf voelen. Als ik helemaal voorkauw, wat blijft er dan nog over? Waarom zou je geboeid kunnen blijven door een kunstwerk als de betekenis vastligt?” Hij vertelt het ons allemaal op voorzichtige toon, maar toch erg zeker van zijn stuk. 

Figuranten

Ondanks zijn sterke visie op wat hij inhoudelijk wil overbrengen, wil Eyckermans vooral niet vastroesten. Hij is voortdurend op zoek naar nieuwe narratieven. Zo speelt hij momenteel met beeld in het beeld, wat zijn nieuwe werken een surrealistisch kantje geeft. Door een snelle ondertekening te maken in houtskool, creëert hij ietwat vreemde verhoudingen die tot bewuste ‘fouten’ leiden in het geheel. Het resultaat van een heel bewuste speelsheid, een rode draad doorheen zijn werk.

Misschien permitteert hij zich deze frivole houding omdat hij steeds gekende personen portretteert. Inmiddels zou hij een volledige tentoonstelling kunnen vullen met schilderijen van zijn vriendin, al moeten we deze niet als portretten beschouwen: “Ik schilder altijd mensen die ik ken en zou er mij niet goed bij voelen om iemand af te beelden waar ik geen affiniteit mee heb. Maar ik ben geen portretschilder, want elk werk is een concept op zich en gaat niet noodzakelijk over die persoon. Het subject is er in functie van het gevoel dat ik wil overbrengen, een soort figurant in het theater van mijn verbeelding. Daarom schilder ik zo vaak stoepranden, als een soort podium.” Meer en meer bevinden die personages zich donkere, mysterieuze omgevingen: “Ik apprecieer donker werk omdat het heel uitdagend is om te schilderen. Lichte tinten bieden je meer mogelijkheden om achteraf zaken aan te passen. En iets wat donker is prikkelt de fantasie meer.”

Zelfonderzoek

Het werk van Bendt schippert steeds tussen universele symboliek en concrete elementen uit zijn onmiddellijke omgeving. We herkennen bijvoorbeeld de vogel die dienstdoet als deurklink van zijn atelier, in één van zijn nieuwe werken. Het verklaart de mysterieuze sfeer, die ontspruit uit een intimistische, persoonlijke mythologie, en die menig kijker aanspreekt en fascineert. Je kan dit pas helemaal doorgronden door Eyckermans’ familiegeschiedenis en dagelijkse werkomgeving in ogenschouw te nemen. Hij verwoordt het zelf prachtig, op een manier die voor vele kunstliefhebbers vast erg herkenbaar is: “Toen ik hier in het atelier van mijn grootvader binnenkwam als kind, tussen al die beelden, wist ik meteen wie is was. Dit maakt essentieel deel uit van mijn identiteit. Ik ben de som van hun bestaan en hun invloeden. Zo is mijn werk een voortdurende zoektocht naar mijzelf. Het is een documentatie van mijn zijn.”

De kleine elementen uit het dagdagelijkse leven verwerkt hij graag in grootse taferelen. Om te kunnen werken aan deze grote formaten heeft hij iets bedacht. Hij schildert vanop een podium, een draaibare sokkel die ooit diende voor de beelden van zijn grootvader. “Daarnet zei ik dat het beeld van een kunstenaar vaak een romantisch cliché is. Misschien had ik dat maar beter niet gedaan”, lacht hij.

Submit a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Pin It on Pinterest

Deel dit artikel op

X