Floris Van Look

Jonge Belgische kunstenaar Floris Van Look stelt voor het eerst solo tentoon bij Keteleer Gallery

KETELEER GALLERY presenteert vanaf 30 januari de allereerste solotentoonstelling van de jonge Belgische schilder Floris Van Look (°1990. Wilrijk, Antwerpen).

Van Look combineert traditionele schilderkunst met humor en fantasie om een wereld te creëeen waarin verhalen verteld worden, nieuwe wezens en nieuwe werelden bedacht worden en waarin mensen onze luidruchtige, snelle, opiniemakende maatschappij kunnen ontvluchten.

In de schilderijen van Van Look figureren geen mensen of dieren, maar iets tussenin. Een kabouter die peinzend een pijpje aan het roken is op de stoel van Vincent Van Gogh, met achter zich een stopcontact. We zien een vrouwelijk naakt onder de douche. Haar hoofd is in het lichaam gezakt, de borsten als ogen, de beharing van de onderbuik fungeert als mond, en daar tussenin een ontzettend geprononceerde neus. Verder zien we vechtende kabouters, kabouters die meegesleept worden in de draaikolk van een wasmachine of nog een kabouter die een vlieg hoopt dood te meppen.

Het is het werk van een kunstenaar die zich opzettelijk haaks opstelt ten overstaan van de gezapige kunstwereld…

Floris Van Look: Very Important Friends
30 januari – 7 maart 2021
Keteleer Gallery
Pourbusstraat 3-5, 2000 Antwerpen


Floris Van Look

Floris behaalde een bachelor in de klinische psychologie aan Universiteit Gent in 2012 maar besloot daarna andere richtingen te verkennen. Even kwam hij bij architectuur terecht, maar daar ontdekte hij dat hij veel meer in de presentatie dan in de techniek van het ontwerp geïnteresseerd was en besloot hierdoor schilderkunst aan de Academie voor Schone Kunsten van Antwerpen te gaan studeren.

Sinds zijn afstuderen in 2018 focust hij zich volledig op figuratieve schilderijen en heeft hij daarin een zeer persoonlijke stijl weten te ontwikkelen. Waar Floris normaal zijn geest in dialoog laat gaan met het leven dat hij op straat tegenkomt, heeft de afzondering van het afgelopen jaar ervoor gezorgd dat hij naar andere dingen ging kijken en dat hij die en de literatuur waar hij zich gretig in verdiept, tot leven ging wekken in een volledig nieuw oeuvre van schilderijen uit olie- en stopverf.

In de werken van Floris Van Look is een kleine muiterij ontketend. In DoubleNightmare komen de lakens ’s nachts tot leven en lijken de dromers in hun greep te houden. Het fruit in de fruitschaal van TheGathering is wakker geworden en zit als een klas schoolkinderen gefascineerd naar de verhalen van een kabouter te luisteren. In Carrousel is een ander stel kabouters in de wasmachine gekropen die nu verward tussen onze handdoeken, slipjes en beha’s tollen… de fantasie kent immers geen grenzen, ze dringt ook altijd het echte leven binnen. 

Uiteindelijk is ons voorstellingsvermogen ook altijd dat wat ons het meeste bedreigt: als het vrij spel krijgt, dan kunnen onze zelfgecreëerde denkbeelden zich al gauw tegen ons keren. Onze grootste kracht is tevens ons grootste gevaar. Het is een spel van waarheids- en waardeconstructies dat hele landen tot oorlog kan brengen en individuen de psychiatrie in kan jagen. Net omdat de mens met zijn unieke verbeeldingskracht de meest begaafde, dynamisch creatieve en culturele kracht in de natuur is, noemde Nietzsche hem dan ook het ‘ziekste’ dier van alle levende wezens.

In de drie kleine werkjes The NoseThe Insect en The Breast worden klassieke romans uitgebeeld van Nikolaj Gogol, Franz Kafka en Phillip Roth, grootmeesters van de symboliek. Drie verhalen over extreme ontsporingen van fantasie waarbij het hoofdpersonage aan alles wat hij ziet maar vooral aan zijn eigen realiteitsbesef gaat twijfelen. In deze verhalen slorpt de symboliek alle normaliteit op en neemt de fantasie niet enkel de geest maar ook letterlijk het hele lichaam van de protagonist over – een thema dat we ook in het werk Face Wash terugzien. Alles staat op z’n kop en wordt herleid tot een kat-en-muisspel met het eigen denken waaraan de hulpeloze, gemuteerde protagonist ten onder dreigt te gaan. 

Zonder het spel van de fantasie is ons leven echter betekenisloos, onleefbaar zelfs. De mens heeft altijd al zijn verbeelding aangewend: om nieuwe dingen uit te vinden uit overlevingsdrang maar ook om verhalen te vertellen, om nieuwe wezens en nieuwe werelden te bedenken om samen of alleen in weg te vluchten. 

In The Waiters lijken de bomen in het bos ons aan te kijken, wij betreden hier hún domein immers. Iedereen die gaat wandelen ervaart het effect van automatische vertraging, je gaat intuïtief wat voorzichtiger lopen, je weet dat je hier een zelfregulerend eeuwenoud levend organisme betreedt vol onzichtbare mechanismen, een mysterie waar wij niets aan te zeggen hebben: een ontzagwekkende levenskracht die aan ons voorafgaat en ons doet dromen.

Maar ook het levenloze komt tot leven in Floris’ werken, ook de kerktoren in The Lord’s Faces bijvoorbeeld kijkt ons aan, grijnzend misschien zelfs, of beelden we ons dat in? Zoeken we een gezicht, onszelf in alles? Willen wij alles vermenselijken, is dat de enige manier om dingen te begrijpen, zoals we ook een god met een baard en een lichaam voorstellen? Of is daar toch wat van aan, dat we de dingen ervaren alsof ze een eigen karakter hebben? Een kerk heeft een onmiskenbare particulariteit, wij dichten ze een kluwen van associaties en symboliek toe en ontwierpen haar ook om die reden, als symbool voor onze waarden, zo verlenen wij haar identiteit en het is die identiteit die ons terug – en inderdaad, in deze seculaire tijden misschien grijnzend – aankijkt.

De werken van Floris zijn extreem tastbaar, de verf ligt er soms in wel heel dikke, smakelijke klodders bovenop. Op het randje van boetserend maakt hij ook werken volledig uit stopverf, een ‘verouderde’ manier om een 3D-ervaring te bieden. Zoals men vroeger diorama’s, pop-up boeken en later ook films begon te maken om verhalen tot leven te wekken, zo wil de mens sinds mensenheugenis zijn bedenksels verwerkelijken: godenbeelden, kerken als huizen van God, muziek, theater… alles om verhalen voelbaar en dus ‘echter’ te maken. Virtual Reality is de nieuwste ontwikkeling om aan dit verlangen te voldoen en is misschien in sé, niet veel extremer qua ambitie dan bijvoorbeeld een kathedraal. Het grote verschil zit hem vooral in het feit dat de ruimte nu meer en meer denkbeeldig wordt, paradoxaal gedematerialiseerd wordt om als nóg echter te worden ervaren. Floris houdt het liever bij oude technieken en klassieke referenties maar slaagt er wonderwel in daarmee nog steeds onze ‘hypermoderne’ geesten tot fantasie aan te sporen.

— Lauren Wiggers, 2020.

Author: Frederic De Meyer

Share This Post On

Submit a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Pin It on Pinterest

Deel dit artikel op

X