OPINIE: ‘in dialoog’

Stel: je zet “The Physical Impossibility of Death in the Mind of Someone Living” van Damian Hirst rechtover de “Les Demoiselles d’Avignon” van Picasso, in eenzelfde zaal, liefst in een museum, desnoods in een galerij. Een natte droom voor elke curator, en pal zouden ze gaan benoemen als twee werken, twee generatie, twee stromingen die “met elkaar in dialoog gaan”.

Maar doen ze dat wel? Kunnen werken, of kunstenaars die elkaar nooit hebben ontmoet, noch kunnen ontmoet hebben, ‘in dialoog gaan’ met elkaar? Stel dat ze dit deden, zowel de kunstenaars als de werken, zouden ze zelf plezier beleven aan deze vermeende dialoog? Of zouden ze het als een te geforceerde manier aanzien om gelijke trekken te zoeken tussen volledig verschillende uitgangspunten en doeleinden, een amechtige poging om de grootste gemene noemer te vinden, waar er geen te vinden is?

De vraag stellen is ze wellicht beantwoorden.

Ook de kunstwereld is vatbaar voor mode, en net als in de mode is elke jaargang of seizoen ontvankelijk voor modieuze, trendy begrippen, kleuren en smaken.

Zo gezien, en in deze context, kan het woord “dialoog” zonder enige twijfel als woord van het decennium verkozen worden. Geen tentoonstelling die voorbijgaat zonder dat het woord in persteksten of kritieken gebruikt wordt. Het moet gezegd, het is een dankbaar begrip. Als je niet weet wat gezegd, of niet begrijpt wat er gaande is, kan je alles zien als een dialoog. Tussen werken onderling, desnoods van eenzelfde kunstenaar, of tussen kunstenaars onderling, voor diegenen die het aandurven het zo te benoemen: tussen kunstenaars en het publiek, of, zo mogelijk nog gedurfder: tussen het werk en de kijker! “Kunst die de dialoog aangaat met de kijker”, het klinkt toch fantastisch? Ik koop het onmiddellijk, wat het ook is.

De kunstwereld lijkt maar geen genoeg te krijgen van inflammatoire woordzalfjes, en belegt er met groot plezier haar intellectuele broodjes mee. Het voorgaande is slechts een voorbeeld van wat ik bedoel. Je kan van alles aan de lezer presenteren, zolang het maar zoet oogt, interessant lijkt, en er voor de rest niet teveel hoeft nagedacht te worden over wat net gelezen werd.

Die “dialoog” is zo’n zalfje. Het bekt lekker, al zeker gezien je het overal kant-en-klaar tegenkomt. Kunst, en schrijven over kunst, als instantvoedsel, makkelijk te verorberen, iets trager in digestie, maar een stille, sluipende en slopende killer van de nieuwsgierige, wakkere geest.

Een vreemde conclusie wat mij betreft, maar in die zin de enige mogelijke: dood aan de “dialoog”!

Author: Frederic De Meyer

Share This Post On

Submit a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Pin It on Pinterest

Deel dit artikel op

X