Twee vrouwelijke stemmen van het impressionisme herontdekt in Parijs

Na de opmerkelijke expo Onvergetelijk in het MSK Gent en, recenter, Betzy Akersloot-Berg in Den Haag, haalt ook Frankrijk enkele wat vergeten vrouwelijke kunstenaars uit de vergetelheid. Zowel het Musée d’Orsay, met Mary Cassatt, als het Petit Palais, met een expo rond het werk van Eva Gonzalès, biedt dit najaar een gelegenheid om de vertrouwde geschiedenis van het impressionisme wat breder te bekijken.

Bij Mary Cassatt (1844-1926) is “vergeten” uiteraard relatief. Haar naam behoort al lang tot de canon van het impressionisme. Toch is Mary Cassatt. L’indépendante opmerkelijk: het is de eerste grote tentoonstelling die een Frans nationaal museum aan haar wijdt. Naar aanleiding van de honderdste verjaardag van haar overlijden brengt het Musée d’Orsay haar niet alleen als schilder van moeders en kinderen, het etiket waarmee ze lange tijd werd vereenzelvigd, maar vooral als een bijzonder zelfstandige kunstenaar die haar eigen positie binnen de Parijse avant-garde opeiste.

Cassatt vestigde zich in 1874 definitief in Parijs en sloot enkele jaren later, op uitnodiging van Edgar Degas, aan bij de impressionisten. Ze nam deel aan vier van hun tentoonstellingen en experimenteerde intensief met pastel, grafiek, kleur en ongebruikelijke cadrages. Vooral haar reeks kleurenprenten uit 1890-1891, mede geïnspireerd door Japanse prentkunst, toont hoe experimenteel haar werk kon zijn. Tegelijk schilderde ze vrouwen opvallend vaak als actieve deelnemers aan het moderne leven: lezend, reizend, in het theater of met elkaar in gesprek.

Mary Cassatt Jeune fille au banjo, 1894 Musée d’Orsay Achat, 2026 © Musée d’Orsay, dist. GrandPalais

Bij Eva Gonzalès (1847-1883) is de herontdekking nog ingrijpender. Het Petit Palais brengt bijna honderd schilderijen, pastels en prenten samen in wat de eerste internationale retrospectieve van formaat rond haar oeuvre is. Gonzalès was de enige formele leerling van Édouard Manet, een gegeven dat haar reputatie lang zowel hielp als overschaduwde. De tentoonstelling probeert haar precies uit die schaduw te halen.

Haar onderwerpen lijken op het eerste gezicht weinig spectaculair: familieleden en vrienden, interieurs, alledaagse momenten en landschappen uit Normandië. Maar haar losse, heldere penseelvoering en aandacht voor intimiteit geven die scènes een opvallende aanwezigheid. Het mooie Le Réveil uit 1877 vat dat wellicht goed samen: een vrouw die ontwaakt, nauwelijks een gebeurtenis, en toch geladen met licht, nabijheid en een heel eigen sfeer.

Eva Gonzalès, Le Réveil, 1877. Huile sur toile, 81,1 x 100,1 cm, Kunsthalle Bremen – Der Kunstverein in Bremen, Foto : Lars Lohrisch, Public Domain Mark 1.0

Samen maken beide tentoonstellingen vooral duidelijk hoe selectief kunstgeschiedenis kan zijn. Cassatt stond midden in het impressionistische netwerk maar werd vaak tot één onderwerp gereduceerd; Gonzalès verdween grotendeels achter de naam van haar leermeester. Hun werk opnieuw bekijken betekent dan ook meer dan twee vrouwelijke kunstenaars aan de canon toevoegen. Het verandert subtiel het beeld van die canon zelf.


Mary Cassatt. L’indépendante loopt tot 31 januari 2027 in het Musée d’Orsay. Eva Gonzalès. Parcours d’une artiste libre is tot 24 januari 2027 te zien in het Petit Palais en reist daarna door naar het Van Gogh Museum in Amsterdam.


Author: Frederic De Meyer

Share This Post On

Submit a Comment

Je e-mailadres zal niet getoond worden. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Pin It on Pinterest

Deel dit artikel op

Get 30% off your first purchase

Close Welcome Bar