The Uncanny Familiar – wanneer het vertrouwde begint te schuiven

Een heel stuk van de werkelijkheid is ons ontoegankelijk. We interpreteren de wereld, vervormen en verminken haar tot een behapbare en voorspelbare omgeving, voornamelijk op basis van conventies en categorieën, met als doel om ons als organisch geheel staande te houden.

In een intussen klassiek geworden lezing toont neurowetenschapper Anil Seth hoe de wereld eruit zou kunnen zien zonder de filters waarmee we haar gewoonlijk waarnemen. Het resultaat is hallucinant: deels herkenbaar, maar grotendeels verwarrend.

Willen we de wereld werkelijk kennen – niet dat dit per se hoeft, maar we zijn per slot van rekening een nieuwsgierige soort – dan moeten we misschien ook durven openstaan voor dat onbekende deel van onze omgeving en onze rationele blik af en toe loslaten. Openstaan voor verbeelding, die uiteindelijk evengoed deel uitmaakt van de realiteit, en voor intuïtie, die er soms een directere toegang toe biedt.

Daar gaat The Uncanny Familiar bij Black Swan Gallery in Brugge precies over: vier kunstenaars gunnen ons een nieuwe, soms licht verontrustende blik op het vertrouwde.

Galeriehouder Kristoff Tillieu vertrekt bij het samenstellen van een tentoonstelling meestal vanuit een werk dat hem niet loslaat. “Niet noodzakelijk omdat het mooi is, of omdat de technische uitvoering uitzonderlijk is, maar omdat er iets in zit dat me niet loslaat,” schrijft hij. Bij Silvia B., Bart Gielen, Milan Jespers en Mathieu V. Staelens vond hij telkens datzelfde gevoel terug: iets herkenbaars dat net genoeg verschuift om twijfel binnen te laten.

De titel verwijst naar Freuds das Unheimliche: het moment waarop iets vertrouwds plots vreemd wordt. De tentoonstelling opent dat spanningsveld verder naar schoonheid, humor, kwetsbaarheid en melancholie, naar alles wat ontstaat wanneer herkenning en vervreemding naast elkaar bestaan.

Bij Silvia B. krijgt dat spanningsveld een lichamelijke vorm. Haar figuren bevinden zich ergens tussen mens en pop, tussen leven en kunstmatigheid. In Almost Perfect is dat bijna letterlijk voelbaar: huidkleurig leer, hechtingen, haar, wimpers en glazen ogen suggereren menselijke aanwezigheid, terwijl juist de bijna perfecte gelijkenis verontrust. “Wat bepaalt eigenlijk schoonheid?” vraagt Tillieu zich bij haar werk af. “En waarom vinden we imperfectie zo moeilijk te aanvaarden, terwijl ze misschien net de essentie van onze menselijkheid vormt?”

Milan Jespers ontregelt ons vertrouwen in beelden. Hij vertrekt vanuit historische, medische en antropologische archieven en maakt aquarellen die eruitzien alsof ze uit een vergeten verleden komen. Wat historisch lijkt, blijkt echter verschoven, samengesteld of fictief. Zijn werk beweegt tussen document en verbeelding en ondergraaft daarmee de vanzelfsprekende overtuiging dat beelden bewijs leveren. In een tijd waarin artificiële intelligentie en digitale manipulatie die grens verder vervagen, krijgt dat onverwacht veel actualiteit.

Bart Gielen werkt met bestaande symbolen en vertrouwde beeldtaal. Religieuze motieven, alledaagse objecten en gebaren worden uit hun context gehaald en opnieuw gecombineerd. Een kleine verschuiving volstaat om een beeld volledig te ontregelen. “Soms zit daar humor in, soms iets melancholisch. Maar het is nooit vrijblijvend,” merkt Tillieu op.

Bij Mathieu V. Staelens verschuift de aandacht naar de menselijke conditie zelf. Zijn werk beweegt van donkere, introspectieve beelden naar warmere en sensuelere composities waarin vragen rond vrijheid, maatschappelijke conditionering en verbondenheid steeds nadrukkelijker worden. De onderliggende vraag blijft dezelfde: hoe vind je als individu je plaats in een wereld die voortdurend verwachtingen oplegt, zonder de band met anderen te verliezen?

Precies doordat de vier kunstenaars samen worden gepresenteerd, ontstaat een extra laag. De werken botsen, spiegelen en versterken elkaar. Lichamen, historische beelden, gebaren en natuurmotieven komen in eenzelfde veld terecht en maken zichtbaar hoezeer onze interpretatie altijd afhankelijk is van wat ernaast staat. Tillieu vat dat treffend samen: “Soms versterken ze elkaar, soms spreken ze elkaar tegen. En precies daarin ontstaat een verhaal dat geen van de kunstenaars afzonderlijk had kunnen vertellen.”

Misschien ligt daar ook de kern van The Uncanny Familiar: onze eigen blik begint te schuiven. Zoals Tillieu het zelf formuleert: “De wereld is misschien veel vreemder dan we denken. We zijn er alleen zo aan gewend geraakt dat we het niet meer zien.”

foto’s courtesy Black Swan Gallery


THE UNCANNY FAMILIAR – Where Metarealism Meets the Unseen loopt van 17 oktober tot 15 november 2026. Met werk van Silvia B., Bart Gielen, Milan Jespers en Mathieu V. Staelens


Sylvia B. Amaro, Milan Jespers, Bart Gielen

Author: Frederic De Meyer

Share This Post On

Submit a Comment

Je e-mailadres zal niet getoond worden. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Pin It on Pinterest

Deel dit artikel op

Get 30% off your first purchase

Close Welcome Bar