Een kunstenaar in de onmetelijke ruimte van zijn atelier

Het is vermoedelijk de natte droom van elke kunstenaar, om een nagenoeg onmetelijk atelier ter beschikking te hebben. Een cave, een kathedraal, een leeg eiland waar alleen de wetten van de creatie heersen. In deze reportage over kunstenaar Matthew Day Jackson krijgen we een glimp van zo’n heiligdom.

Wat zou je doen met een atelier van meer dan 1000m2, behalve werken stockeren? Zou je je verliezen in eindeloze vergezichten van lege muren en kolossale vloeroppervlakten? Zou je in die vreemde, sacrale leegte, worden uitgedaagd je eigen innerlijke ruimte te vergroten?

Staat de ruimte die je ter beschikking hebt overigens in proportie met de ambities die je koestert, of met de afmetingen van de werken die je droomt te maken? In deze context zweeft het atelier tussen twee polen: enerzijds een uitbreiding van jezelf, een canvas zonder beperkingen; anderzijds een leegte die je in zijn eigen oneindigheid kan opslokken, continu op zoek naar ankerpunten.

Je verwacht dat een dergelijk atelier het begin is van grootse installaties, ademloze expressie, misschien zelfs performatieve sculpturen die steden aan elkaar binden. Tegelijk weet je: een ruimte van deze omvang nodigt ook uit tot contemplatie — tot stilte, tot het langzaam zoeken naar betekenis in elke hoek. Vaak bieden dergelijke ateliers de kunstenaar niet alleen fysieke ruimte, maar schenken ze ook mentale ademruimte. Ziedaar de paradox: hoe groter de binnenruimte, hoe intiemer het innerlijke onderzoek moet zijn.

Er schuilt er een uitdaging in zo’n vrijheid. In een lege ruimte van dergelijke proporties kan de stilte even overweldigend zijn als de leegte van een blanco doek. Er is geen excuus meer. Er heerst geen schaarste aan mogelijkheden. De enige beperking is de omvang van je eigen verbeelding. Het kan even beangstigend zijn als bevrijdend. Het confronteert je met de essentie van je eigen drang om iets te maken. Er ontstaan vermoedelijk allerlei tegenstellingen. Hoe kleiner je denkt, hoe groter je werk, hoe meer meters je aflegt, hoe dichter je tot een essentie komt, hoe meer je doelloos rondzwerft, hoe dichter de bestemming.

Verlokking of verlossing, kathedraal of mausoleum, de ruimte wordt een leven op zich, waarmee je leven zich vermengt.

Author: Frederic De Meyer

Share This Post On

Submit a Comment

Je e-mailadres zal niet getoond worden. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Pin It on Pinterest

Deel dit artikel op