Eros aan de Styx, de zwijgende maar veelzeggende nieuwe reeks van Steven Peters Caraballo

Voluptueus, sensueel, gebroken of uitgedroogd: lippen hebben zelfs zonder te bewegen veel te vertellen. Ook zonder gezicht of context errond vervallen ze nauwelijks tot abstracte vormen. Daarvoor betekenen ze, net als ogen, te veel voor ons: een belofte, een aanzet, een onuitgesproken wenk, een achtergebleven smaak. Maar anders dan de blik dragen lippen altijd de suggestie van lichamelijk contact in zich, of tenminste de mogelijkheid hiertoe. Een mogelijke toegang – maar tot wat precies?

Voor de nieuwe reeks van Steven Peters Caraballo sta je dan ook niet “voor” schilderijen, je wordt erin opgezogen. Zelfs op de kleinere werken dwingen de lippen op zijn doeken je blik naar zich toe, zonder de veilige omwegen van duiding, al zijn die er onvermijdelijk. Gedachten, interpretaties, kunsthistorische referenties schuiven naar de achtergrond en maken in eerste instantie plaats voor een reeks onmiddellijke, soms tegenstrijdige reacties: aantrekking en afkeer, herkenning en vervreemding, verlangen en ongemak.

Wie dingen zo uit hun omgeving trekt, verleent ze een iconische status. Wie ze daarnaast nog eens opblaast tot buitenmenselijke proporties – wat Steven in sommige werken doet – dringt je bijna fysiek in een andere leeswijze. Je kijkt niet langer naar een mond, maar wordt direct geconfronteerd met de geladenheid van de lippen: met de gevoelens die ze oproepen, de herinneringen die ze losmaken, de ruwe emotie die plots komt bovendrijven, om welke reden dan ook.

Die lippen komen niet uit het niets; ze zijn losgeweekt uit een eerdere reeks rond de Styx, de rivier tussen leven en dood. In dat universum behoren ze toe aan Charon, de veerman – die Steven niet enkel als vrouw weergeeft, maar ook bewust een identiteit meegeeft. Elke dood is een persoonlijk verhaal, lijkt hij te willen zeggen, het einde van een persoonlijke mythe, waarin alle hoop en verdriet, alle passies en verlangens van een mensenleven liggen vervat. De lippen houden deze levens noodgedwongen onuitgesproken, binnensmonds, maar voor de buitenwereld verschijnen ze soms als een erotisch geladen uitnodiging.

Zo worden de lippen dubbel grensgebied: anatomisch tussen binnen en buiten, mythologisch tussen deze wereld en de volgende. Soms lijken ze je bijna te benaderen, glanzend en zacht, een uitnodiging; soms komen ze uitgedroogd en barstend op je af, dikke vleeslompen waarin het leven zich lijkt te hebben teruggetrokken. Ze blijven steeds in een tussenstaat, tussen zwijgen en uitspreken, tussen aantrekken en afstoten, tussen het tijdelijke en het definitieve. Hoe expliciet of suggestief de lippen ook zijn weergegeven, ze bieden nooit echt houvast. De reliëfs waarin plooiingen, rimpels en glansplekken het ritme en de richting van het kijken aangeven, komen nooit tot stilstand: de blik van de kijker wordt in een eindeloze werveling getrokken. Wat op het eerste gezicht een zeer beperkt onderwerp lijkt, blijkt zo een heel veld van zienswijzen en ervaringen open te trekken.

De lippen op de doeken bedwelmen, verleiden, schrikken soms af wanneer ze als droge brokken vlees op je afkomen, maar raken altijd. Misschien omdat ze ons, via de omweg van mythologie en schilderkunst, terugbrengen naar een eenvoudige maar ongemakkelijke vraag: wat zeggen we echt, wat laten we onuitgesproken – en waar precies ligt de grens die we bereid zijn over te steken?

©TheArtCouch


What the body whispers  met werk van Steven Peters Caraballo & Wolfe De Roeck loopt nog tot 11 januari 2026 bij Ysebaert Gallery in SInt-Martens-Latem. Klik hier voor alle info.


Author: Frederic De Meyer

Share This Post On

Submit a Comment

Je e-mailadres zal niet getoond worden. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Pin It on Pinterest

Deel dit artikel op