Ooit bezocht ik, tijdens de pauze van een conferentie, het Museo Reina Sofía in Madrid – enkel en alleen om voor de Guernica te staan. Niet uit fetisjisme. Ik wou weten of het beeld anders werkte “in het echt”, anders dan de talloze keren dat ik het gereproduceerd had gezien: in een catalogus of, godbetert, op een of ander onlinekanaal. Om Walter Benjamin te lenen: ik wilde achterhalen of de aura van het werk enkel in zijn nabijheid kan worden ervaren, of de aanwezigheid het beeld zelf overtreft. Spoiler: dat is het geval.
Maar geldt dat voor elk kunstwerk?
Voor een ‘echte’ Warhol staan biedt me alleszins niet dezelfde ervaring. Ik begrijp de relevantie van zijn werk in de lange stroom van de kunstgeschiedenis, maar voor mij is het beeld ook precies dat: het beeld. De nabijheid is daarbij niet wezenlijk. Het werk heeft -althans voor mij- geen specifieke aura los van de reproductie, geen bestaan erbuitenom. Heeft een expo over Warhol dan nog zin, buiten het didactische aspect of de ‘immersieve’ ervaring?
Eenzelfde vraag kan je stellen bij Magritte, al ligt het daar complexer. Een beeld van Magritte werkt ‘op zich’: de ontwrichtende werking van ‘the weird and eerie’ geldt ook in een reproductie. De aanwezigheid is van ondergeschikt belang, zou je denken. En toch. Zoals Borremans het in de reportage van VRT hieronder verwoordt: Magritte dwingt ons om de complexiteit van het beeld binnen te treden, en daar is meer voor nodig dan het beeld alleen. Borremans – geen neofiet op dat vlak – stelt dat de confrontatie met de stijl noodzakelijk is om de wereld van de kunstenaar binnen te gaan en, in de woorden van curator Xavier Canonne, te “overschrijden” wat we in het beeld zien.
Dat kan niet door door een Instagramfeed te scrollen, of door een catalogus te bladeren. Daarvoor is fysieke aanwezigheid nodig. Pas dan komt wat de Franse kunstfilosofe Estelle Zhong-Mengual de ‘ontmoeting’ met een kunstwerk noemt tot stand, pas dan ontstaat de mogelijkheid om er een intieme band mee aan te knopen. Het zal niet voor alle werken gelden, en het zal voor elke liefhebber elders liggen, afhankelijk van gevoeligheden, affiniteiten of zelfs gemoedstand, maar de magie van die ontmoeting, wanneer ze er is, vraagt iets wat een reproductie zelden kan geven: de aanwezigheid van een werk.
Misschien is dat uiteindelijk de vraag die een museumbezoek rechtvaardigt: niet of je het beeld al kent, maar of je bereid bent het te ontmoeten.
De expo René Magritte – La ligne de vie loopt nog tot 22 februari in het KMSK Antwerpen.
Coverbeeld: René Magritte, De wraak – KMSKA – Collectie Vlaamse Gemeenschap © Succession René Magritte – SABAM Belgium, 2025




januari 11, 2026
Wat ook een belangrijk verschil is tussen een reproductie in een boek of een beeld op een scherm is het feit dat de kleuren en kleurverzadiging van een schilderij (olieverf) niet kan worden weergegeven in drukinkt of pixel. Die schieten altijd tekort.