‘Botanical Echoes’, vier kunstenaars over de beleving van de wereld

Kunst als vorm van animisme: het klinkt misschien wat archaïsch, of zelfs gevaarlijk romantisch, maar in Botanical Echoes krijgt die gedachte opnieuw betekenis. Zich losmaken van een antropocentrische kijk op de wereld, waarin we ons niet langer als afzonderlijke entiteiten door de wereld bewegen, maar als integraal en onlosmakelijk deel ervan, is geen evidentie. Misschien is kunst bij uitstek de plek waar die wederzijdse beïnvloeding zichtbaar kan worden: de symbiose met de omgeving, of zelfs de onderwerping eraan, als een acute beleving van de wereld, maar daardoor ook van zichzelf.

Want wie zich werkelijk openstelt voor de natuur, verliest iets van zijn zekerheden. De grens tussen binnen en buiten wordt poreus. Een bloem, een stuk verweerd hout, een kleurveld, een landschap of een lichaam in een schilderij wordt dan meer dan een motief: het wordt een echo van innerlijke frequenties, om de titel van de expo vrij te gebruiken. Hoe geef je die gewaarwording vorm? Hoe vertaal je het lumineuze gevoel deel uit te maken van een soms onbegrijpelijke omgeving, die haar geheimen, ondanks alle wetenschappelijke kennis, slechts met grote schroom aan ons onthult? Hoe doe je dat zonder haar te willen domineren, maar ook zonder je er volledig aan te onderwerpen? Dat is een evenwicht dat op verschillende manieren vorm kan krijgen, zo leert deze tentoonstelling bij Galerie Intra Muros, waarin vier vrouwelijke kunstenaars elk een eigen antwoord formuleren.

Bij Katleen Van der Gucht wordt de natuur geen onderwerp dat vanop afstand wordt bekeken, maar een actieve partner in het werkproces. Als bioloog en kunstenaar onderzoekt ze de “stille kracht, vergankelijkheid en kwetsbaarheid van de natuur” in een tijd van ecologische ontwrichting. Haar aandacht gaat naar veranderende landschappen en naar de vaak onzichtbare niet-menselijke levensvormen die ons bestaan mee dragen. Ze werkt met materialen die zich niet volledig laten controleren, zoals bijenwas, hars en pigmenten. Net daarin schuilt de kern: de kunstenaar vormt niet alleen, maar laat zich ook vormen door materie, toeval en omgeving.

Ook bij Ine Lammers krijgt de verhouding tot de wereld een trage, tastbare dimensie. Sinds ze haar praktijk heruitvond, werd de natuur haar leidraad en vond ze aansluiting bij de wabi-sabi-filosofie: de schoonheid van tijd, slijtage en vergankelijkheid. Verweerd hout, roestige metalen, stof of oude kaders dragen sporen van wat voorbijging. Ze zijn niet glad of ongeschonden, maar precies daardoor geladen. Lammers zoekt naar kunst die een moment van stilte opent, een ruimte voor herkenning en verbinding. Niet de mens als heerser over de dingen staat centraal, maar de mens als iemand die leert luisteren naar wat materialen, herinneringen en tijd te vertellen hebben.

Bij Ellen Jansen verschuift die aandacht naar de binnenwereld, zonder dat de omgeving verdwijnt. Ze vertrekt vanuit beelden die dicht bij haar staan, vaak uit haar onmiddellijke omgeving, en gebruikt schilderen als een manier om zichtbaar te maken wat innerlijk leeft. Haar werk hoeft zichzelf niet volledig uit te leggen. Het mag een plek zijn “waar men vertraagt, waar men mag kijken en voelen zonder alles meteen te begrijpen”. Die openheid is wezenlijk. Het beeld wordt geen gesloten mededeling, maar een drempel: tussen waarneming en herinnering, tussen wat de kunstenaar toont en wat de kijker erin terugvindt.

Indra Wolfaert benadert de natuur via kleur, licht en beweging. Kleur is voor haar een fysieke ervaring, “intens, vibrerend, bijna verslavend”. Ze herkent die gewaarwording in bloemenvelden en wilde vegetatie, waar niets stilstaat en kleur voortdurend verandert onder invloed van licht. Water speelt een centrale rol in haar proces: het staat voor loslaten, beweging en het onverwachte. Soms stuurt ze het, soms laat ze het zijn eigen weg gaan. Ook hier ontstaat kunst niet uit volledige controle, maar uit dialoog. Op een bepaald moment begint het schilderij, zoals ze zelf zegt, terug te spreken.

Vier manieren om de wereld te beleven, om de omgeving waar te nemen vanuit het standpunt van die omgeving zelf, en niet vanuit een afgescheiden vorm van bewustzijn. Botanical Echoes gaat daardoor niet alleen over planten, landschappen of natuurlijke vormen. Het gaat over wat sommigen resonantie hebben genoemd. Over wat in ons begint mee te trillen wanneer we ophouden de wereld alleen als beeld of decor te bekijken.

In die zin zijn de werken van de vier kunstenaars niet zomaar botanische echo’s, al dekt de titel van de expo wel degelijk de lading. Ze zijn herinneringen aan een ouder, maar misschien hoogst actueel besef: dat de wereld leeft, en dat kijken pas begint wanneer we bereid zijn om terug aangekeken te worden.

foto’s: ©TheArtCouch


De expo Botanical Echoes loopt nog tot 24 mei 2026 bij Intra Muros in De Pinte. Klik hier voor alle info.


Author: Frederic De Meyer

Share This Post On

Submit a Comment

Je e-mailadres zal niet getoond worden. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Pin It on Pinterest

Deel dit artikel op