Saudade, het specifieke ritme van een ondefinieerbaar gevoel
Je zou denken dat juist kunstenaars in staat zijn, of daartoe bewapend zijn, om het immateriële zichtbaar te maken, het ontastbare voelbaar. Vage gevoelens als hunkering of heimwee laten zich nu eenmaal minder in woorden vatten dan in beelden. Waar slechts moeizaam een woord voor te vinden is, kunnen een ontelbaar aantal beelden weergeven wat er bedoeld wordt. Misschien vormt het Portugese woordje saudade een uitzondering. Zonder...
Getuigenis van een bezoek aan de kunstenaar die detective wilde zijn
Ik aarzel meestal om naar tentoonstellingen te gaan die al overdadig in de belangstelling hebben gestaan. Waarom ga ik naar tentoonstellingen? Om verrast te worden, eerst en vooral, maar ook om voor mezelf uit te maken waarom de kunstenaar een bepaald pad heeft gekozen, precies die ene verfstreep naast die andere heeft gelegd of met een duw van de vinger precies op die plek een reliëf in de plaaster heeft achtergelaten, de ‘waaromheid...
Chambres en anti-chambres, kunst en verzet anno 1986
Het is misschien een natuurlijke beweging: in het zog van een groots opgezet event ontstaan talrijke nevenevenementen die meesurfen op de belangstellingsgolf, of zich resoluut als tegenreactie profileren — al kan het ene ook het andere zijn, als een soort antideeltje zonder hetwelke geen materie zou bestaan. Terwijl de herdenking van 40 jaar Chambres d’Amis dit weekend feestelijk opent, herdenken heel wat kunstenaars en...
Renée Pevernagie – de wereld achter het zichtbare
Bestaan er andere vormen van bewustzijn, laat staan van zelfbewustzijn? We zullen het nooit met zekerheid weten, stelde de filosoof Thomas Nagel in zijn essay Hoe het is om een vleermuis te zijn. Het essay is intussen zo’n vijftig jaar oud, maar het pleit is nog niet beslecht, zo blijkt uit de heftige debatten die nog steeds welig tieren over dit onderwerp -en ondanks de reuzestappen die we sinds hebben gezet in het begrijpen van onze...
Armenian Rhapsody, de contrasterende gemeenschappelijke visuele taal van Narek Arzumanyan and Artur Eranosian
Ben ik op zoek naar homogeniteit, of zijn het juist de contrasten die me opvallen? Wat treft mijn oog — en via dat oog mijn aandacht? Wat blijft er over wanneer de visuele prikkels zich een weg hebben gebaand door de constante stroom van mijn gedachten en zich daar, ergens, hebben genesteld? En wat gebeurt er precies in die tussenruimte? Het contrast is onvermijdelijk. Het is het eerste dat zich aandient. De uiterst gecontroleerde, in...



